sluiten

Het is misschien een kleine stad, maar deze heeft wel een rijke en lange geschiedenis. Zoals George VI (1895-1952) ook wel gezegd zou hebben: "York is de geschiedenis van Engeland". Daar zit zeker een kern van waarheid in, want de archeologie vertelt dat er in de Bronstijd al mensen leefden in het gebied dat nu York heet.

Vanaf 71 n. Chr. wordt York pas echt een belangrijke en strategische plek. Op de plek waar nu de kathedraal staat werd door de Romeinen een fort gesticht onder de naam Eboracum. Dit was een belangrijke militaire basis.

Toen het Romeinse rijk viel was het dorp verlaten, maar niet voor lang. De Saksen namen het al snel over en noemden het Eoferwic. In 866 kwam aan deze heerschappij ook een eind en kwam het dorp in handen van de Vikingen. Eoferwic veranderde in Jorvik en het werd de belangrijkste handelsplaats. De Vikingperiode staat bekend als één van de bloedigste.

De uitstraling en naam van de stad York zoals we die nu kennen, hebben we te danken aan de Noormannen die de stad overnamen vanaf de 11e eeuw. Zij bouwden de kathedraal en de stadsmuren, die nog steeds in goede staat te bewonderen zijn. Het werd gebruikelijk dat koningen en koninginnen langs kwamen in de stad. In deze periode kreeg de stad ook het voormalige Romeinse karakter terug en het werd de op één na grootste stad van Engeland, door de sterke economie. Deze bestond voornamelijk ambachts- en handelsgilden. Sommige werkplaatsen kunnen nog steeds bekeken worden vandaag de dag.

Vanaf de 18e eeuw speelden commercie en industrie een steeds belangrijkere rol in de economie. Het spoornetwerk dat werd aangelegd in en rondom York rond 1800 werd belangrijk in de nationale transport. Via de handel kwam er vooral cacao en suiker naar de stad. Hierdoor werd York hoofdstad van de zoetigheden.

Vandaag de dag is nog maar weinig te zien van het industriële karakter van de stad en is de economische drijfveer vooral te vinden in de financiële wereld en niet te vergeten: het toerisme.

Foto: Visit York